
| Naam | Geboren | Omgekomen |
| Waisvisz, Gabriel | Den Haag, 30.07.1863 | Sobibor, 09.04.1943 |
| Waisvisz-van Engers, Lientje | Schiedam, 04.08.1865 | Sobibor, 09.04.1943 |
In 1921 vestigde Gabriel Waisvisz en zijn vrouw Lientje van Engers zich in Rijswijk.
Gabriel Waisvisz is geboren in ’s-Gravenhage. Zijn vader, Simson Waisvisz, kwam uit Monster, terwijl zijn grootvader, Aron Waisvisz, afkomstig was uit Polen.
Aron kwam aan het begin van de negentiende eeuw naar Monster. In die periode bestond er nog geen vaste schrijfwijze voor familienamen, ambtenaren van de Burgerlijke Stand noteerden namen zoals zij dachten dat die gespeld moesten worden. Pas later werd de schrijfwijze in de geboorteakten officieel als familienaam vastgesteld. Hierdoor zijn er bij de nakomelingen van Aron Waisvisz verschillende varianten van de naam Waisvisz ontstaan zoals Waisfisz en Waisfisch.
Gabriel Waisvisz trad in de voetsporen van zijn vader en werd schoenwinkelier en -maker. Hij opende een vestiging in Rotterdam. In 1889 trad hij in het huwelijk met de Schiedamse Lientje van Engers. Het echtpaar vestigde zich in Rotterdam, waar vier kinderen werden geboren. In 1900 verhuisde het gezin naar Schiedam.
Rond 1910 vertrok Gabriel Waisvisz met zijn gezin naar Nederlands-Indië. Gabriel reisde als eerste vooruit, zijn vrouw Lientje volgde later met de kinderen. In Soerabaja vestigden zij zich, hun kinderen trouwden daar en kregen zelf ook een gezin.
In 1921 keerden Gabriel en Lientje, blijvend, terug naar Nederland. Zij vestigden zich eerst aan de Regentesselaan 18. Twee jaar later verhuisden ze naar de Mauritslaan 15. Hun huis werd regelmatig gebruikt als tijdelijk onderkomen voor familieleden die onderweg waren van of naar Nederlands-Indië. Voor twee kleinkinderen die in Nederland naar school gingen, fungeerden opa Gabriel en oma Lientje zelfs als vast woonadres.
In 1929 werd Gabriel Waisvisz, als lid van de Rijswijkse afdeling van de Vrijheidsbond, aangewezen om zitting te nemen in de anti-annexatiebeweging. Deze beweging werkte samen met vertegenwoordigers van ander partijen binnen een gezamenlijk anti-annexatiecomité.
Aan het eind van de jaren dertig waren alle kinderen in Nederland teruggekeerd, van wie er drie zich in Rijswijk vestigden. Dochter Bertha van der Brugge-Waisvisz betrok met haar gezin de woning aan Oranjelaan 32, terwijl haar echtgenoot J.J. van der Brugge in Nederlands-Indië achterbleef. Haar zus Maria Schuitemaker-Waisvisz ging aan de Vondellaan 26 wonen. Hun oudste broer Jacques vestigde zich met zijn gezin aan de Regentesselaan 7. Het huwelijk van zoon Simon Michel was in 1935 ontbonden, na zijn terugkeer uit Soerabaja ging hij in Den Haag wonen.
Na de inbeheername en verkoop van hun woning in maart 1942 gingen Gabriel Waisvisz en zijn vrouw Lientje van Engers bij hun dochter aan de Vondellaan 26 wonen. Toen de druk om zich te melden steeds groter werd, besloten verschillende familieleden onder te duiken of naar Zwitserland te vluchten. Vermoedelijk doken ook Gabriel Waisvisz en Lientje van Engers onder, maar zij werden toch opgepakt. Op 1 april 1943 werden zij in Westerbork geregistreerd en in een strafbarak ondergebracht. Slechts enkele dagen later, op 6 april, volgde hun deportatie naar Sobibor, waar zij direct na aankomst werden vermoord.
Hun kinderen en kleinkinderen hebben de oorlog wél overleefd, sommigen door te vluchten naar Zwitserland, anderen door onder te duiken of dankzij de bescherming die een gemengd huwelijk bood. Gabriel bezat destijds aandelen en meerdere panden in zowel Den Haag als in Voorburg. Na de oorlog heeft de familie, na veel moeite, deze woningen weer in eigendom teruggekregen.
Op 22 oktober 2015 zijn struikelstenen geplaatst door kleinzoon Jacques Maurits Waisvisz en achterkleindochter Carla Yvonne Noomen.

Gabriel en Lientje Waisvisz-van Engers, Mauritslaan 15