Struikelstenen | Koninginnelaan 2

Koninginnelaan 2



Stolpersteine geplaats op 21 mei 2026

Naam Geboren Omgekomen
Doodewaard, Eliazar Rotterdam, 18.08.1888 Sobibor, 20.03.1943
Doodewaard-Godschalk, Rika Wilhelmina Rotterdam, 06.06.1898 Sobibor, 20.03.1943
Doodewaard, Abraham Henri Rotterdam, 14.01.1927 Sobibor, 20.03.1943

 

Aan de Koninginnelaan 2 in Rijswijk woonde de familie Doodewaard-Godschalk. Het gezin bestond uit Eliazar Doodewaard, zijn vrouw Rika Wilhelmina Doodewaard-Godschalk en hun zoon Abraham Henri, die Alex werd genoemd.

Eliazar en Rika traden in 1923 in het huwelijk. Vier jaar later werd hun zoon Alex geboren. Vóór de oorlog woonde het gezin in Rotterdam, aan de Diergaardelaan. Daar nam Eliazar de schilderijen- en lijstenfabriek met winkel aan de Botersloot 123 over van zijn vader en zette hij het familiebedrijf voort.

Rika was beëdigd vertaalster Frans. Daarnaast sprak zij vloeiend Duits, Engels en Spaans, gaf zij taallessen en schreef zij boeken. In 1932 werd haar meisjesboek Beroepsfilm bekroond bij een landelijke prijsvraag voor jeugdliteratuur. Zo had zij, naast haar leven als echtgenote en moeder, een eigen loopbaan opgebouwd.

In haar werk voor kinderen en jongeren komt een duidelijke waardering voor onderwijs en persoonlijke ontwikkeling naar voren. Haar verhalen laten zien dat zij vond dat jonge mensen – en in het bijzonder meisjes – de mogelijkheid moesten krijgen om hun talenten te ontplooien. Dat was in die tijd geen vanzelfsprekend uitgangspunt. In haar boeken denken jongeren na over hun toekomst en over hun plaats in de samenleving. Daarmee waren haar opvattingen op sommige punten vooruitstrevend.

Op 14 mei 1940 veranderde de situatie van het gezin ingrijpend. Tijdens het bombardement op Rotterdam gingen zowel hun woning als de winkel verloren. Hoewel er een noodwinkel werd geopend, moesten zij ook op zoek naar nieuwe woonruimte.

De verhuizing naar Rijswijk was dan ook geen gewone verhuizing of een bewuste keuze om elders opnieuw te beginnen. Als hun woning niet was verwoest, was de familie waarschijnlijk in Rotterdam gebleven. Zoals veel gezinnen die door het bombardement dakloos werden, waren zij genoodzaakt elders onderdak te zoeken.

Aanvankelijk verbleef het gezin aan de Julianastraat bij de Joodse familie Walg. Vanuit dat adres probeerde Rika haar werkzaamheden voort te zetten. In een advertentie uit augustus 1940 liet zij weten beschikbaar te zijn voor taallessen, secretariaatswerk en conversatie. Later verhuisde het gezin naar de Koninginnelaan 2, waar pension Felicitas was gevestigd.

In de laatste maanden van hun leven verbleef het gezin in Oegstgeest, waar zij ongeveer negen weken kamers huurden bij Gijsbertus van der Poel aan de Haarlemmertrekvaart. De huur bedroeg 400 gulden per maand. Zij waren in het bezit van valse persoonsbewijzen.

Op 8 februari 1943 werden Eliazar, Rika en Alex in Oegstgeest gearresteerd door drie beruchte Jodenjagers. Vervolgens werden zij overgedragen aan de Sicherheitsdienst en opgesloten in de gevangenis van Scheveningen.

Twee weken later volgde registratie in Westerbork, waar zij in barak 72 werden ondergebracht. Op 17 maart 1943 werden zij gedeporteerd naar Sobibor. Drie dagen later werden Eliazar, Rika en Alex daar vermoord. Alex was toen zestien jaar oud.

In 1948 werd nog gezocht naar gegadigden die het tijdens de oorlog geliquideerderde bedrijf wilden overnemen.

 





Achter elke steen schuilt een verhaal